Van systeembewustzijn naar zelfbewustzijn

Wat valt je op aan referenties zoals ‘Money Place’, ‘Deposito Place’?

Het zijn referenties zonder omweg.

Real life is the short cut.

En wat valt je op aan de referentie ‘Bestaansgeld’?

Ze refereert aan onszelf. Ze refereert aan ons bestaan en ze drukt de economische waarde van ons bestaan uit. We are the value.

We moeten vanuit zelfbewustzijn refereren, geen systeemreferenties meer accepteren als verklaringen.

Pas als je zelfreferenties, mensreferenties gebruikt, zoals ‘bestaansgeld’ bijvoorbeeld, ga je zien waarom die referenties altijd weg gerefereerd zijn geweest: het leven mag niet aan zichzelf refereren, mag niet zelfbewustzijn zijn, ze moet aan de agressor refereren, aan diens goddelijke referenties: het systeem.

En vergelijk ‘bestaansgeld’ eens met de term ‘basisinkomen’. Daar zit grote afstand in.

En wat denk je van ‘helikoptergeld’: een term die waanzinnig ver van ons afstaat en met typisch mannelijke reddingsbeelden gepaard gaat. Hoe ver moet het altijd liggen….

Mensen die de term ‘bestaansgeld’ al lang kennen, en ineens in de krant over helikoptergeld lazen, zeiden: ‘Ah, bestaansgeld is dus helikoptergeld’. Ze zeiden niet: ‘Ah, helikoptergeld is dus bestaansgeld’. Want alles wat de kranten zeggen is meteen als referentiepunt aanvaard, en zeer zeker als het zo’n lange-afstandswoord als ‘helikoptergeld’ is. Ja, als het allemaal maar ver ver weg van ons is, dan durft iedereen er wel wat mee. Het moet niet te dichtbij komen, want daar stuit iedereen op zijn eigen diep zwarte gat in hun psyche, in hun zelfbeleving: alle mensreferenties zijn eng……

We kunnen duizend dingen over het systeem te weten komen, maar als we dat systeembewustzijn niet door laten werken naar zelfbewustzijn, dan zit er iets gigantisch mis in onszelf.

Als een systeemvertegenwoordiger tegen ons zegt: ‘Nee, jullie mogen absoluut geen vrije keuze hebben, ik gijzel jullie vrije keuze, ik knecht jullie uit naam van de banken die het nodig hebben dat ik jullie van een depositobank onthou.’, en dit leidt niet tot het zelfbewustzijn over wat er nou werkelijk gaande is, dat we geknecht worden, gegijzeld worden, dan zit er iets gigantisch mis in onszelf.

En ja, dat is ook zo. In Nederlanders zit er iets gigantisch mis.

Keer op keer op keer blijkt weer dat de regering niet het probleem is. Onze relatie met de regering is het probleem. Dat betekent dat de relatie met onszelf het probleem is.

Er valt niet meer te ontkennen dat het systeem 1 grote bagger is, en dat er dus iets moet gebeuren. Maar de regering vindt van niet.

Ondertussen blijven mensen total collapse berichten doorsturen. Een instorting die NIET erg is, volgens Jeroen Dijsselbloem en de zijnen, vandaar dat ze geen poot verzetten. Want dat soort total collapse dingen zijn tenminste instortingen die out of controle zijn. Daar houden regeringsleden van, omdat je jezelf dan tenminste carte blanche toe kunt eigenen. Je hoeft dan niets te kunnen, dus zo hebben ze het graag. We herinneren ons de carte blanche van Wouter Bos nog; de bankiers zeiden later dat ze heus wel voor minder waren gegaan, maar Wouter had niet aangedrongen. Die heerlijke competentieloosheid die je mag hebben in out of controle situaties.

Terwijl een (vermeende) bankeninstorting door de aanwezigheid van een Deposito Place juist waanzinnig eenvoudig onder controle te houden is: met kleine stapjes beginnen, en als het inderdaad misgaat, dan al een veiligheidspal achter de hand hebben (alle aflossingen voortaan naar de centrale bestaansgeld rekening). Nee, daar kunnen we niet aan beginnen……. ‘Ja, dat komt natuurlijk omdat ze die veiligheidspal niet weten te vinden, en daarom durven ze het nog steeds niet’. Grappig toch weer, ik heb die veiligheidspal al lang gevonden. En aangereikt. Maar de regering kan hem toch niet vinden zogenaamd. En de regering vindt dat zelf helemaal geen probleem.

Het lijkt overigens alsof de regering wel degelijk iets wil met alle nieuwe informatie die we met zijn allen hebben. Ze heeft tenslotte aan de WRR de opdracht gegeven om het een en ander te onderzoeken. Maar let daarbij eens op de probleemdefinitie die de regering heeft meegegeven. Als er dingen in staan zoals: ‘Wat zou een depositobank voor gevolgen hebben voor de huidige banken?’, dan weet je dat ze de afwezigheid van een depositobank helemaal niet als probleem ervaart. Ze legt bij de WRR tenslotte niet deze onderzoeksvraag neer: ‘Wat zou het voor het samenleven van de volgende generaties voor gevolgen hebben, als de depositobank afwezig blijft?’. Nee, daar heeft de regering geen enkele interesse in. En precies dat moet op ons zelfbewustzijn inwerken.

We weten inmiddels alles van het systeem. We hebben dus een groot systeembewustzijn opgebouwd. En wat doen we daar nou mee? En wat doet de regering daar nou mee? En wat doen we met het feit dat de regering ervoor kiest om er niets mee te doen? Wat gebeurt er nu in ons zelfbewustzijn?

We vinden onszelf in uitgestoten staat terug. In gefuikte staat. In misbruikte staat, in geknechte staat… en dat is allemaal zichtbaar gemaakt via de depositobank en via bestaansgeld.

We tonen de depositobank dus niet meer als ‘plan’, maar als hetgeen dat bewijst dat banken niet op eigen kracht overeind kunnen blijven staan: ze hebben er de uitstoting van de depositobank voor nodig, ze hebben er de gijzeling van onze keuzevrijheid voor nodig, ze hebben er de uitstoting van onze keuzevrijheid voor nodig. Typisch mannelijke omgeving: die kunnen nooit iets op eigen kracht. En de banken maar dreigen met hun instortingsmacht: ‘Anders storten we in hoor, heb ontzag voor onze instortingsmacht…’… Is het niet pathetisch?

In zelfbewustzijn zit de transitiekracht die de Berlijnse muren in het oude bewustzijn uiteindelijk doen omvallen. We kennen dit al van vrouwen en van zwarte mensen. Zij beukten ook in op de muren van het Nee dat uit het oude bewustzijn kwam.

En inderdaad, keer op keer wordt weer bewezen dat uitstoting in het hart van het systeem opgeslagen ligt, als fundament waar alles op draait. En als je ergens het fundament onder vandaan haalt, dan stort de boel in. En zo blijft het uitstoten gelegitimeerd.

Hoe kijken mensen vanuit het systeemdenken? Die zeggen: ‘Ja, we moeten naar een beter systeem, en het moet op zo’n manier gebeuren, dat het oude systeem er niet van kan instorten’.

Hoe kijken mensen vanuit het mensdenken? Die zeggen: ‘Ja, we begrijpen dat de instortingsmacht die het systeem toepast, onderdeel is van het onderdrukkingsinstrumentarium. We gaan de volgende generaties dus een totale bescherming bieden, tegen dit onderdrukkersinstrumentarium; we bieden hen vanaf nu alleen maar dingen die niet in kunnen storten. Zoals de depositobank dus.’

Advertenties